Begin bij jezelf: pasvorm en looppatroon
De perfecte hardloopschoen moet aansluiten bij jou als loper. Nog voor je je volgende hardloopdoel in de mix gooit, is het handig om je manier van lopen eens onder de loep te nemen.
- Landing: De zool van je oude schoenen kan al een eerste hint geven over je landing. Is vooral bij de hak veel slijtage zichtbaar, dan ben je waarschijnlijk een haklander. Bij midden- en voorvoetlanders is vooral het middelste of voorste deel van de slijtzool afgesleten. Afhankelijk daarvan kies je voor schoenen met wat meer demping onder de hak (de haklander) of een schoen met een lagere hieldrop (midden- en voorvoetlanders).
- Pronatie: Iedereen kantelt zijn of haar voeten bij de landing van nature iets naar binnen om de schok op te vangen. Bij neutrale lopers gebeurt dit gecontroleerd. Kantelt je voet te ver naar binnen door, dan spreken we van overpronatie. Je hebt dan baat bij een stabiliteitsschoen die extra ondersteuning biedt. Kantelt je voet nauwelijks (onderpronatie/supinatie), dan zoek je juist een neutrale schoen met veel demping.
- Let op: Slijtage aan de buitenkant van de hiel is bij bijna iedereen normaal. Wil je écht zeker weten hoe jouw afwikkeling werkt? Laat dan een korte loopanalyse maken bij een speciaalzaak.