Alles over de intervaltraining

Woensdag, 22 januari 2020
Alles over de intervaltraining
Veel hardlopers hebben een haat-liefdeverhouding met de intervaltraining. Het kan een zware training zijn, waarbij je behoorlijk diep moet gaan. Tegelijkertijd is het een effectieve training en kun je er als hardloper uiteindelijk de vruchten van plukken. Maar wat is een intervaltraining precies? Waarom is het zo’n belangrijke training? En hoe ziet zo’n intervaltraining eruit?

Wat is een intervaltraining?

Een intervaltraining is een training die, zoals het woord al voorspelt, bestaat uit intervallen. De intervallen worden in verschillende tempo’s gedaan. Je wisselt dus tijdens een intervaltraining van een rustig tempo naar een snel tempo en weer terug. Hoe rustig en hoe snel je dan loopt kan verschillend zijn. Dit hangt deels af van de afstand van je interval. Je kunt namelijk kiezen voor lange intervallen of juist kortere. Als je korter loopt, kun je logischerwijs je tempo ook hoger leggen.

Wat is het nut van een intervaltraining?

Een intervaltraining is een hele belangrijke training indien je jouw conditie wilt verbeteren of sneller wilt worden. Je daagt het lichaam uit om aan te passen en sterker te worden. Het uithoudingsvermogen wordt vergroot.

Tijdens de intervallen wordt de snelheid hoger en moet het lichaam harder werken. Vervolgens krijgt het rust om te herstellen voor een volgend interval. Hierdoor moet het lichaam snel schakelen. Tevens wordt er in een nieuw interval gezorgd voor een prikkel om opnieuw aan te zetten, ondanks dat je wellicht nog vermoeid bent van de vorige serie. Dit zorgt er uiteindelijk voor dat de conditie verbetert.

Hoe ziet een intervaltraining eruit?

Voor een intervaltraining is het altijd belangrijk om goed om te warmen en na afloop een cooling-down te doen. Doordat de training uit (pittige) versnellingen bestaat, is het van belang dat het lichaam hier echt klaar voor is. Blessures liggen anders op de loer! Ook is het verstandig om na de intervaltraining een rustdag of rustige hersteltraining te plannen.

Je kunt intervaltrainingen op heel veel verschillende manieren uitvoeren. Dat is ook meteen het leuke hieraan. Je raakt eigenlijk nooit verveeld, want je kunt eindeloos variëren. Hoeveel herhalingen je van de intervallen doet, kan dus verschillen. Het is echter wel belangrijk dat je alle herhalingen in dezelfde snelheid kunt uitvoeren. Dit betekent dat je niet na de eerste al kapot bent. Zorg ervoor dat je ze allemaal even hard kunt lopen.

Bij een intervaltraining kun je rekenen in tijd of juist in afstand. Het is maar net waar de voorkeur naar uit gaat. Zo kun je kiezen van intervallen van 200 meter, 400 meter, 600 meter, 800 meter of 1000 meter. Natuurlijk kun je ook rekenen in tijd: 1 minuut, 2 minuten, 3 minuten en ga zo maar door. Naast korte intervallen kan er ook gekozen worden voor lange tempoblokken van een paar kilometer of bijvoorbeeld 15 minuten of langer.

Tot slot is het belangrijk te vermelden dat je moet proberen om in de rust, tussen de versnellingen, te blijven joggen en niet te gaan wandelen. Wanneer je doorgaat met rustig hardlopen, vergroot je uiteindelijk het effect van de training en daarmee jouw uithoudingsvermogen.