Gezondheid

Zo vlak na de feestdagen en het tegoed doen aan allerlei lekkernijen, zijn de meeste lopers wel wat zwaarder geworden. Helemaal niet erg. Als je weer rustig de trainingen en je gezonde voedingspatroon oppakt, komt dit vanzelf weer goed. Wel kun je je lichaam een extra handje helpen. Namelijk door te beginnen met krachttraining. Sportarts en medisch expert van Hardlopen.nl Mirjam Steunebrink legt deze week uit hoe dat werkt.

Krachttraining

Veel lopers vragen zich af wat je er nu eigenlijk aan hebt. Als eerste zorgt krachttraining ervoor dat je sterker wordt en spieren ontwikkeld. Maar daarnaast heeft krachttraining nog vele andere gezondheidsvoordelen. Zo verlaagt krachttraining je bloeddruk, krijg je er sterkere botten van en verkleint het de kans op diverse aandoeningen op latere leeftijd.

Daarnaast heeft het doen van krachttraining nog een extra voordeel. Het helpt enorm als je wilt afvallen. Door meer spierweefsel te ontwikkelen verhoog je namelijk je metabolisme waardoor je sneller vet verliest. Want spieren in rust verbranden meer calorieën dan vetweefsel.

Supercompensatie 

Krachttraining is gebaseerd op het principe van supercompensatie. Door een bepaalde trainingsprikkel te geven aan de spieren raakt het spierweefsel licht beschadigd doordat er op microniveau kleine scheurtjes in de spieren ontstaan. Wanneer deze scheurtjes gerepareerd worden, herstelt de spiercel zich boven het oorspronkelijke uitgangsniveau. Hierdoor zou je in staat moeten zijn om de volgende keer dat je krachttraining gaat doen, iets zwaarder kunt trainen. Op termijn bouw je op deze manier spiermassa op. Een voorwaarde hiervoor is wel dat je lichaam genoeg rust en voldoende (en gezonde) voeding tot zich neemt om die reparatie uit te voeren. Meer informatie over voeding bij krachttraining kun je hier lezen.

Let wel: de weegschaal is niet zo betrouwbaar bij sporters om te beoordelen of je vetpercentage is verminderd en of je dus bent afgevallen. Een groei aan spiermassa kan namelijk juist gewichtstoename veroorzaken, omdat spiermassa per kubieke centimeter meer weegt dan vetmassa in dezelfde grootte. Het kan dus goed zijn dat je op de weegschaal toeneemt in gewicht maar dat het vetgehalte verlaagd is. Gunstig dus! Meer betrouwbaar is het om het vetpercentage te laten meten door de sportarts of sportvoedingsdeskundige bij jou in de buurt en dit met enige regelmaat te monitoren.

Door Mirjam Steunebrink

Mirjam Steunebrink is sportarts bij Martini Sportmedisch Centrum in Groningen en Sportgeneeskunde Friesland en begeleidend arts tijdens juniorenkampioenschappen van de Atletiekunie. Mirjam is zelf een fervent hardloopster.