Beleving

Paul van Rooyen uit Velp heeft inmiddels meer dan 65 marathons gelopen, 50 liep hij er voor zichzelf binnen de 3 uur en de laatste 15 liep hij als pacer/haas in dienst van anderen. Van Rooyen: ‘Ik vind het leuk om mijn ervaringen die ik heb opgedaan in mijn loopcarrière zo goed mogelijk over te dragen aan andere mensen.’

Van Rooyen werd ooit gewoon benaderd om getooid met vlag of ballon als pacer deelnemers te begeleiden in een loopevenement. Dat beviel zo goed dat hij er mee door ging, soms in wel 18 evenementen per jaar zoals de City Pier City, de Egmond Halve Marathon, de Bredase Singelloop en de Tilburg Ten Miles, maar ook de grote stadsmarathons in binnen en buitenland.

Van Rooyen: ‘Ons doel als pacers is om zoveel mogelijk mensen binnen de beoogde tijd te laten finishen.

Dat doen we in een zo vlak mogelijk schema. Ik probeer, met mijn rugzak met de vlag en de streeftijd erop, al op tijd in het startvak te zijn en maak daar duidelijk wat het plan is. Zo maak ik meteen contact met mijn medelopers. Ik vraag ook meteen naar de reden waarom ze zich bij mij aansluiten. De één heeft moeite met het tempo, de ander is angstig en wil minder risico nemen. Mensenkennis moet je als pacer zeker hebben.’

Na de start is het zaak om rustig te blijven en een goed tempo te lopen.

Van Rooyen: ‘Lopers hebben vaak heel lang getraind voor de afstand, zitten vol adrenaline en geven dan na 5 kilometer al aan dat het te langzaam gaat en gaan dan al versnellen. Overschatting heet dat. Mijn ervaring is dat je in het begin nog niet kunt visualiseren hoe je je aan het eind van de 42 kilometer voelt. Lopers die na 5 kilometer al versnellen, die rapen we na 20 kilometer weer op. Ik loop graag met een stopwatch in mijn handen, zo kan ik de snelheid goed in de gaten houden. Vaak klopt de kilometeraanduiding niet helemaal bij een evenement, maar ik heb inmiddels zoveel ervaring dat ik kan lopen als een Zwitsers uurwerk. ‘

In een marathon komen de problemen voor de lopers volgens Van Rooyen vaak ergens tussen de 25 en 32 kilometer.

Ook dan wacht de pacer de schone taak om de deelnemer er doorheen te slepen. ‘Als de loper het moeilijk heeft heb ik van tevoren al een inschatting gemaakt of hij of zij open staat voor mijn aanmoediging, want zoiets kan bij sommige deelnemers ook averechts werken. Als ze er open voor staan, dan geef ik technische tips en andere handvatten om het avontuur te voltooien. Met afleiding vergeet je namelijk jouw vermoeidheid en kom je er, als je mentaal sterk genoeg bent, doorheen. Het samen halen van de finish geeft echt een mooie band.’

Van Rooyen heeft ook nog een tip voor de vele lopers die gebruik gaan maken van een pacer in een voorjaarsmarathon: ‘Heb vertrouwen in je pacer, hou je in, loop zuinig en hou je aan het schema. Als het goed gaat kun je altijd nog versnellen in de laatste kilometers, vaak heb ik dat al even in de gaten en geef ik de loper het seintje: ‘Ga maar’.

Foto: Jack Magielse

Door Bert Pessink

Bert Pessink is als speaker/infotainer sinds 1984 de stem van menig hardloopevenement in heel Nederland waaronder de Zevenheuvelenloop, de Dam tot Damloop, de Marikenloop, de Groet uit Schoorl Run, de 4 mijl van Groningen en de Amsterdam Marathon. Bovendien was hij speaker bij de EK Cross in 2005 in Tilburg en de EK Halve Marathon in 2016 in Amsterdam. Alle grote namen uit de wegatletiek passeerden in de afgelopen 30 jaar zijn microfoon.