Beleving

Ton ten Have is al vijfendertig jaar marathonloper. Een prestatie op zich. Maar wat maakt juist zijn verhaal nou zo bijzonder? Ton liep april dit jaar zijn 90e marathon, in Enschede. En over precies een jaar wil deze kilometervreter daar voor de 100e keer na 42 km over de finishlijn komen. Deze aantallen alleen al dwingen respect af. Tel daar bij op dat hij 9 jaar geleden in een ravijn stortte, artsen zeiden dat hij nooit meer dan 5 kilometer zou lopen, sindsdien is hij 41 marathons verder. Maar wat deze man helemaal speciaal maakt, is zijn instelling- en mentaliteit, als hardloper en als mens. Een kijkje in het leven van Ton ten Have.

Naar aanleiding van zijn 75e marathon, verscheen er in januari 2017 al een artikel over Ton ten Have op hardlopen.nl. Hier lees je onder andere over zijn snelste marathon en mooie marathonherinneringen. Ook vertelt hij hier meer over zijn ongeluk. In onderstaand artikel lees je naast zijn 90e overwinning en de plannen voor de 100e, vooral het verhaal achter deze talloze kilometers. Waarom, hoe en met wie maakt hij die talloze kilometers?

Van 90 naar 100 marathons

De 100e marathon wil Ton in Enschede lopen. Want Aad Steylen, vijfmaal Nederlands marathonkampioen, wil hem graag persoonlijk binnenhalen. ‘Ik loop nog af en toe een rondje met de inmiddels 82e jarige Aad. Enschede is ook een leuke stad met een fijne marathon. Bijkomend voordeel is dat mijn familie dan niet zo ver hoeft te reizen als ze naar de finish willen komen.’ En wat de stad Enschede voor hem een extra laag geeft, is dat ze Ton uitgerekend hier destijds vertelde dat hij nooit meer dan 5 kilometer zou kunnen lopen. ‘Enkele behandelaars stonden overigens na mijn eerste marathon sportief aan de finishlijn hoor.’ De planning om in een jaar tijd van 90 naar 100 marathons te komen is rond, hij somt deze zo uit z’n hoofd op: ‘Tilburg, Leiden, Amersfoort, Sneek, Midzomer Apeldoorn, Berlijn, Zagreb, Athene, en dan als 99e Diever of Kevelaer en daarna dus weer Enschede.’

‘Een dag niet gelopen is een dag niet geleefd’

Zijn snelste marathon liep Ton in ‘89 in New York in een tijd van 2:55:20 uur. Na zijn ongeluk, en nu de jaren gaan tellen, worden de tijden minder. Hij is ook niet zo met de klok bezig maar door zijn enorme ervaring is Ton wel een hele stabiele loper. Zo finishte hij zijn 90e marathon in 3:56:56, exact dezelfde tijd die hij vorige zomer in Reykjavik neerzette. ‘De tijden lopen misschien terug, maar het begint steeds leuker te worden,’ meent Ton oprecht.’ Hij loopt bijna dagelijks, en soms twee keer per dag. De afstanden variëren van een paar kilometers tot zo’n twintig. ‘Een week voor een marathon loop ik wel even twee keer dertig kilometer. Ton houdt niet van lopen met hartslagmeters of muziek, maar hij houdt sinds enige tijd wel zijn kilometers bij met Strava, en verwerkt deze dan in een Excelsheet. De teller van dit jaar staat tijdens dit gesprek op 1.321 km, dat betekent een gemiddelde van  zo’n 70 km per week. ‘Ik loop heel veel met onvolledig herstel, er zit bijna altijd vermoeidheid in mijn lijf en benen.’ Daarachter zegt hij gelijk lachend: ‘Heerlijk is dat! Ik hou misschien wel een beetje van pijn lijden. Voor mij is een dag niet gelopen, een dag niet geleefd. Zelfs de dag na een marathon ga ik direct weer lopen, al heeft het soms weinig met lopen te maken en is het puur afvalstoffen afvoeren.’

90 gekoesterde medailles

‘Hardlopen is voor mij gelijk aan marathons lopen. Het is een mooie, eerlijk sport en een heerlijke afstand. Kortere afstanden zijn vaak een race tegen de klok.

Halve marathonlopers zie je soms alle kanten opschieten, in tempo en positie op de weg. Dat geeft onrust. Voor mij is elke marathon nog steeds een beleving.’ Ton bewaart al zijn medailles in een grote doos. Op de vraag of hij daar trots op is antwoordt hij: ‘Ze mogen alles van me hebben, maar niet mijn medailles. Na ontvangst draag ik ze tegenwoordig altijd in mijn hand, en niet om mijn nek. Door het zweet is m’n ooit zo mooie medaille van Wenen helemaal gaan roesten, zonde.’ Ton ziet ook aan een medaille of een stad echt trots is op zijn marathon, dan zijn de medailles mooier. Parijs, Madrid, Londen, Stockholm en New York zijn bijvoorbeeld favoriete medailles van Ton. ‘Marathons lopen is voor mij een way of life,’ voegt hij er aan toe, mocht daar nog onduidelijkheid over bestaan.

Waterkranen

Ton loopt graag alleen. Hij kent in zijn omgeving vier rondes van 30 km, ‘Deze kan ik dan nog met wat mooie kilometers verlengen als ik dat wil. Ook de Achtkastelenroute loop ik graag, deze is al een paar keer veranderd, zo zie ik ook steeds weer wat anders.’ Maar hij loopt ook graag hele nieuwe routes bijvoorbeeld in het bos: ‘Soms weet ik even niet precies waar ik ben, maar zodra ik richting de weg loop, kan ik me weer oriënteren.’ Ton kent de omgeving op zijn duimpje. ‘Ik weet bijvoorbeeld ook alle waterkranen te staan. Waarom zou je zelf drinken meenemen? Het vocht staat overal langs de weg. En ook handig; ik weet inmiddels welke kranen er in de winter dicht zijn,’ lacht hij.

Nog lang niet verzadigd

‘Doordat ik het hele jaar door loop, zie ik de natuur in vier seizoenen. Ook op die manier varieert mijn uitzicht en omgeving continue. Ik zie ook bijzondere natuurverschijnselen zoals een eik en een beuk die samen opgroeien. Bijna niemand anders weet en ziet dat. Hardlopen met je blik op oneindig, werkt voor mij niet. Ik kijk om me heen en geniet van de natuur. Als trainer vond ik het ook leuk om mensen beter naar hun eigen woonomgeving te laten kijken. Vaak mensen die de halve wereld gezien hebben maar hun eigen woonplaats niet goed kennen. Ook in steden is veel te zien en beleven. Ik hou van alle verrassingen op mijn hardlooppad. Ik denk dat ik het hardlopen daarom zo lang volhou, omdat ik zo veel zie. Ik ben dan ook nog lang niet verzadigd,’ lacht hardloop- en levensgenieter Ton.

Tekst: Esther Vliege