Beleving

Regelmatig brengt Hardlopen.nl in deze rubriek lopers in beeld. Hoe fanatiek zijn ze? Wat zijn hun doelen? Wat is hun mooiste hardloopervaring? En waarom is hardlopen hun favoriete sport? Deze keer: Rob Wouters (48) die een marathon niet lang genoeg vindt.

Rob Wouters uit Nijmegen deed afgelopen maand mee met de Rennsteiglauf in het Duitse Eisenach. De supermarathon waar hij aan meedeed is 73 km lang en telt 3200 hoogtemeters. "Dat vraagt kracht en uithoudingsvermogen, maar mentaal moet je ook in orde zijn. Het is toch ook psychologisch spelletje."

Drie stukken

Hij had de 73 km in drie stukken verdeeld voor zichzelf. "Je gaat vanuit het dal van Eisenach naar 916 meter hoogte: dat is een vies stukje. Dan is het 15 km op en af, daarna heb je nog een passage met een klim en dan ga je terug naar de finish in dalende vorm." Hij was op het idee gekomen om deze ultratrail te gaan lopen doordat hij bij marathons in Duitsland aan de praat raakte met een promotor van de Rennsteiglauf. "Toen ik die man voor de derde keer tegen kwam, en hij vroeg of ik er nu klaar voor was, dacht ik: ik moet het gewoon maar eens proberen."

6 marathons

Hoe bereid je je voor op zo'n monstertocht? Dat vroeg Wouters zich ook af. "Ik had helemaal geen ervaring in het ultralopen. Ik wist niet wat je daar voor nodig had." Hij besloot daarom vanaf januari in voorbereiding op de Rennsteiglauf zes citymarathons te gaan doen. "Toen dacht ik wel: het parcours is straks heel anders. Het is een bergachtig gebied. Die city marathons zijn toch vlak."

Rob Wouters vorig jaar na de Marathon Berlijn. 

Genoeg inhoud?

Hij deed daarom ook nog mee aan een ultratrail in Malmedy: 44 km met 1700 hoogemters. "Daar was ik ook ruim zes uur mee onder weg. Dat was toch even proeven: wat kom je tegen. Daar werd ik toch wat onrustig van. Ik ben toen nog een keer naar de Ardennen gegaan voor twee keer diezelfde 40 km." Hij vond het toch de vraag of hij genoeg inhoud had voor de 73 km lange Rennsteiglauf. "Maar ik heb het net gered in 9 uur en drie kwartier."

Jezelf verzetten naar langere afstand

Wouters heeft vroeger fanatiek aan baanatletiek gedaan bij de Nijmeegse club AV CIFLA. "Ik ben nu de 40 gepasseerd en op een gegeven moment weet je: het zal nooit meer beter worden. De snelheid zal toch gaan terugvallen op een gegeven moment." De interesse in het hardlopen is bij hem altijd gebleven. Doelen hebben alleen een andere vorm gekregen. "Het snelle tijden neerzetten is niet meer zo belangrijk. Het gaat mij meer om: kan ik een lange prestatie aan. Kun je jezelf verzetten naar een nog langere afstand."

Verslavend

Dat kan verslavend werken, merkt hij zelf ook. "Als je steeds weer een zege op je zelf hebt behaald dan is de uitdaging naar meer groot. Kan ik dat nog een keer of langer? Zo begon het ook met een marathon. Ik had de halve marathon wel gezien, dan schakel je over naar hele marathon. Toen ik die voor het eerst liep, liep ik gelijk in 3.16 uur."

Rob Wouters dit jaar met twee Duitse deelnemers aan de Kevelaar-marathon

Junks

Nu hij zich in de wereld van het ultralopen begeeft ziet hij in die verslaving ook een gevaar. "Er zitten echt junks tussen die 100 km ultralopen doen of 8-daagse tochten. Je kunt aardig verzeild raken in je eigen sport en de rest als minder belangrijk beschouwen. Ik moet zelf ook oppassen. Ik behoor niet tot de obsessieve hardlopers, maar ik moet mezelf wel in toom houden."

Nieuwe plannen

Zelfs met de Rennsteiglauf nog maar net in de benen had hij al nieuwe plannen gemaakt. "In de bus sprak ik twee Duitsers die ook met ultratrails bezig zijn. Daardoor kwam ik op het idee om op 24 juni de Biggensee Marathon met 900 hoogtemeters te gaan lopen en later in oktober de Röntgenlauf van 63 km bij Remscheid."