Kees Larooij verruilde zijn hardloopschoenen voor schaatsen

Kees Larooij Woensdag, 24 februari 2021
Kees Larooij verruilde zijn hardloopschoenen voor schaatsen

En toen was het er toch opeens, natuurijs! Daar zat ik al acht jaar op te wachten. Oké, er waren in 2017 een paar dagen met natuurijs, maar dan moest je welhaast naar het Noorden rijden om daar goed gebruik van te kunnen maken. Nu was het er in overvloed en ook nog eens in een weekend. Alles kwam precies goed samen, eindelijk! Mijn hardloopschoenen gingen in de kast en de schaatsen kwamen uit de schuur.

Wat heb ik met volle teugen genoten, het hele weekend op het ijs: bij Nulde, in de Eemhaven, op de grachten van Amersfoort en op het spiegelgladde ijs van het Henschotermeer. Ik kan me voorstellen dat mijn enthousiasme enigszins geforceerd aan doet. Natuurlijk, schaatsen is in de media verworden tot datgene wat het DNA van de Nederlandse ziel zou zijn, maar het is wel erg onverstandig om de media te volgen in hun overspannen weergave van de werkelijkheid. Helemaal waar, maar ik vind dat er voor mij een uitzondering gemaakt mag worden, want het was voor mij eigenlijk pas de eerste keer dat ik uitgebreid op natuurijs heb geschaatst. Ik heb namelijk pas acht jaar geleden, op m’n zevenenveertigste, leren schaatsen.

Het lijkt wel een raadsel, groot geworden in Friesland en als kind niet leren schaatsen.

Kees Larooij

Ik heb mijn moeder nog eens nagevraagd hoe dat nou toch kon. Zij vertelde dat zowel zij als mijn vader geen liefhebbers waren van zelf schaatsen. Naar schaatsen kijken deed mijn vader wel heel graag. Als jongste van zes waren mijn ouders, zussen en broers niet zo bezig met het mij aanleren van allerlei vaardigheden, vaak ging dat vanzelf of het ging niet. Maar de belangrijkste reden was een val op het ijs toen ik klein was. Een val waarbij ik dacht dat ik dood zou gaan, omdat ik geen adem meer kreeg. Uiteindelijk gebeurde dat toch, gelukkig, maar ik heb decennia niet meer op het ijs gestaan.

En zoals dat dan gaat, als er ijs was, als er Elfstedentochten waren en het toch een beetje kriebelde vanbinnen, dan suste ik mezelf en had allerlei rationalisaties paraat om mijn eigen positie beter te achten. Tot 2012.

Het jaar van de waarheid

In 2012 was er een Slachtemarathon en ik was op 1 januari begonnen met de training daarvoor. Vier keer in de week op schema lopen, een mooie uitdaging. In februari van dat jaar ging het stevig vriezen, zelfs het Spaarne vroor dicht en er was ijspret overal. Ik liep mijn suffe trainingsrondjes tussen alle ijsfeestvierders door, langs de rijen auto’s bij de ijsbaan in Spaarndam en langs sloten en grachten waar er gezwierd en gezwaaid werd. En opeens was het zover, de drang om dat ook te kunnen werd zo groot dat ik besloot om te leren schaatsen.

In juni van dat jaar liep ik de Slachte, mijn mooiste hardloopbelevenis ooit. En op 2 november 2012 was het zover, mijn eerste krassen op het ijs van de ijsbaan in Haarlem. De krabbelkeizer was opgestaan. De angst voor het vallen had ik overwonnen. En nu, meer dan 9 jaar later, mijn eerste schaatsweekend. Met als hoogtepunt het Henschotermeer op zondagmorgen om 8.20 uur, nog niemand op het ijs en mijn vrouw en ik maken de eerste slagen in het licht van de opkomende zon. Daar gloei ik nog wel een poosje van na.

Kees Larooij
Geschreven door

Kees Larooij

Kees Larooij komt uit Amersfoort en is docent in het basisonderwijs (Amsterdam Osdorp). Hij loopt recreatief hard sinds 2004 en schrijft daarover op hardlopen.nl. Hardlopen geeft ritme en regelmaat aan zijn leven.